Fotografie, omdat het leuk is

Fotofestival Naarden: let’s stay

Een fotofestival is echt geslaagd als het aan een paar criteria voldoet: lekker weer, collega’s tegenkomen en minimaal één dag nodig hebben om alles goed te zien. De eerste twee criteria zijn lastig te bepalen, het laatste is volledig in handen van de organisatie. Aan de eerste twee criteria kan de organisatie weinig doen, aan het derde wel en daar schortte het de afgelopen edities van Fotofestival Naarden nog wel eens aan. Dit jaar slaagt Naarden wel op alle punten, het scheelt dan wel dat ik er was op de dag dat de GKf ‘s avonds het jaarboek presenteerde.

Het thema van dit jaar – Don’t stay here, Dutch photographers on the move – is helder en open voor een grote variëteit aan fotowerk. Het lastige is om zo’n grote variatie goed in te delen, zonder saai te worden. De curatoren kozen voor een indeling op basis van continent/land. Voor de hand liggend, maar tegelijk ook versterkend. Je wordt niet heen en weer geslingerd van het een naar het ander. Het werkt over het algemeen erg goed. Soms zelfs uitstekend, zoals het geval in het Vestingmuseum, waar de Eddy van Wessel en Claire Felicie meer de oorlog in Afghanistan laten zien en Marieke van der Velden een verwarrend tegenwicht laat zien met het dagelijks leven. Een mooi contrast. Het is ook erg goed werk wat er hangt. Op zich niet heel verrassend, want veel is al eerder te zien geweest, maar de combinatie werkt goed.

Fotofestival Naarden

Hetzelfde geldt voor de Grote Kerk, traditioneel de hoofdtentoonstelling. Daar hangen prachtige portretten van Jan Banning. De serie Down and Out in the South gaat over daklozen, maar je ziet alleen mooie mensen. Het is één kant van Amerika. Bas Losekoot zet daar opvallende straatfoto’s tegen. Opvallend, want deels tegen de traditie van straatfotografie in, heeft Losekoot ingegrepen in de werkelijkheid door flitsers te verbergen en zo het licht mooi te sturen. Inspirerende foto’s levert het op. De combinatie uit Japan van de desolate landschappen van Robert Knoth, die de verlaten plekken vanwege radio-activiteit rond Fukusjima laat zien, en de slapende mensen in de McDonalds in Tokyo van Olivier van Breugel en Simone Mudde geven twee totaal verschillende beelden uit hetzelfde land.

Dat gaat niet altijd op. In de Stadshuiszolder hangen foto’s uit Afrika. De blik daar is toch redelijk eenzijdig, ik heb daar niet het gevoel dat ik daar veel wijzer van wordt. Het blijft net wat teveel aan de oppervlakte. In Bastion G word je juist wel even overdonderd door een hele grote variatie. Dat verruimt je blik, maar tegelijk moest ik ook even bijkomen van het materiaal. Ook hier hangt overigens mooi werk. Van de bekende portretten van Hellen van Meene tot de vervreemde foto’s van Natalie Denkr. Het is wel jammer dat de grote foto’s van Carla Kogelman, die een sterke serie laat zien, de aandacht wat weglokken van de intieme portretten van Van Meene.

Het zijn echter kleine opmerkingen, die de pret niet kunnen drukken. Met wat minder exposities dan jaren geleden is er nog genoeg te zien en te ontdekken. Bovendien is de Naarden-Vesting een bijzondere locatie, lekker door de kleine straatjes slenteren en toch goed overzichtelijk. Na een aantal edities weggezakt te zijn, is deze editie van Fotofestival Naarden hopelijk het begin van een nieuwe weg omhoog. Nu aan ons fotografen de taak om weer op pad te gaan met inspiratie en goed werk te maken.

Geef een reactie

Your email address will not be published.

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwste berichten in Opinie

Ga naar Top